Tien jaar geleden reed je er zo doorheen. San Pedro de Alcántara, Costa del Sol, provincie Málaga, was een doorsnee Spaans stadje met een doorgaande weg, wat terrasjes en een handvol winkeltjes. Alleen locals kwamen naar het strand. Toeristen? Die vond je er nauwelijks.
IN HET NIEUWS UIT ANDALUSIË VIND JE ALTIJD IETS INTERESSANTS EN SPANNENDS OM TE LEZEN!

Alboloduy (Almería) door de eeuwen heen
Alboloduy, verstopt in de bergen van Almería, heeft flink wat meegemaakt. Vanaf het Neolithicum zaten er hier al mensen op de Peñón de la Reina. Geen grap: 1600 jaar voor Christus werd hier al gebouwd, gewoond en verdedigd. De Romeinen liepen er ook rond, later namen de Arabieren het over en vormden een van die bekende tahas tijdens het Koninkrijk Granada.
Na de Reconquista kwam alles op z’n kop te staan. Boabdil gaf Alboloduy op, en in 1504 kwam het in handen van Don Sancho de Castilla. Toen begonnen er stoelendansen met namen, titels en gebieden. Uiteindelijk kwam Alboloduy weer bovendrijven als hoofddorp, net op tijd voor een flinke groeispurt.
De cijfers en de mensen
In 1577 arriveerden 51 nieuwe bewoners: christenen uit het westen van Andalusië en daarbuiten. Niet veel, maar ze begonnen gewoon opnieuw. Tientallen jaren eerder woonden hier al 150 families, vooral morisken.
Vanaf de 18e eeuw ging het vlot: rond 1750 woonden er al ruim 1500 mensen, en dat bleef groeien tot bijna 2500 in 1857. Ohanesdruiven waren het lokale goud. Daarna begon de daling. Droogte, werkloosheid en emigratie eisten hun tol. In 1991 waren er nog 911 inwoners, nu zijn dat er zo’n 850. Klein, maar levendig. Alboloduy blijft beroemd om z’n muziek: de fanfare is top.
Klok, was, water en wijsheid
Een blikvanger in het dorp: de Torre del Reloj. Gebouwd in 1867, los van kerk of staat, met z’n drie bellen, metalen puntdak en sierlijke balustrade. De klok tikt hier het tempo van het dorpsleven. Zo belangrijk dat-ie zelfs in het gemeentewapen prijkt.
Niet ver daarvandaan: het Lavadero en de Caños. Ouderwets? Zeker. Maar briljant in eenvoud. Drinkwater uit zeven fonteintjes, een abrevadero voor de ezels, en een wasplek voor de vrouwen. Alles gevoed door een middeleeuws kanaal van vier kilometer dwars door de berg.
Waar daken over straat lopen
Alboloduy is ook het land van de tinaos. Dikke muren, lage doorgangen en houten balken boven je hoofd. Tinao del Ayuntamiento verbindt het plein met de Calle Trinquete. Tinao de la Fuente is een ouderwetse schat: smalle doorgang, muren van steen, dak van riet. En bovenop? Gewoon een woning. Bijzonder praktisch, bijzonder mooi.
Tinao el Anetillo is de nieuwste van het stel. Net iets moderner, maar nog steeds met uitzicht op de Mezquita-wijk én dat typische Alpujarra-karakter.
Gebouwen met verhaal
De kerk van San Juan Bautista heeft neoklassieke grandeur. Gebouwd aan het eind van de 18e eeuw, met symmetrie waar je u tegen zegt en een mix van baksteen, kalk en vakwerk. De Ermita del Santo Cristo staat wat eenvoudiger te wezen, maar zit vol charme, met z’n halfronde gewelven en spierwitte muren.
Er staan ook flink wat herenhuizen. Los Ríos, Los Cadenas, Los Gómez. Robuuste gevels, balkonnetjes met sierijzer en deuren die vast nog wat kunnen vertellen.
Uitkijkpunten en oud puin
Wil je hoogte, dan zit je goed. Op de Peñón del Moro staan restjes van een oud fort, waarschijnlijk Arabisch of zelfs ouder. De ligging is perfect: bovenop de rots, alles in de smiezen. De Peñón de la Reina is nog archeologischer: met sporen uit het Neolithicum, Bronstijd en meer. Van watercisterne tot ovale hut, het ligt er allemaal.
Nog even doorlopen? Drie kruisen, een oude era, het uitzicht vanaf La Ánimas. Alles ademt verleden.
Alboloduy vandaag
Klein, stil en eigenzinnig. Geen massatoerisme, wel verhalen. Het dorp is niet voor mensen die haast hebben. Maar wie stil blijft staan, ziet meer. Een klok, een wasplek, een kerk, een tinao. En een dorp dat weet waar het vandaan komt.
(c) foto en bron: www.dipalme.org
Misschien boeien deze berichten u ook?
Plaza de Toros de Marbella, provincie Málaga, is meer dan een stierenvechtarena. Het is een icoon van Andalusische traditie en cultuur, midden in een stad die bruist van leven. De arena trekt jaarlijks duizenden bezoekers voor stierengevechten, concerten en culturele evenementen. Een plek waar historie en modern vermaak elkaar ontmoeten.
Midden in het Andalusische landschap bij Utrera (provincie Sevilla) staat Torre de Lopera. Deze stevige wachttoren hield eeuwenlang de boel in de gaten. Vanuit dit uitkijkpunt kon je zo de Torre del Bollo en het kasteel van Las Aguzaderas zien. Handig als je de vijand aan zag komen. De toren staat op privéterrein, dus even bellen voor je langskomt.


























