Midden in het natuurpark Los Alcornocales, nabij Algeciras in de provincie Cádiz, ligt een bijzondere plek waar je even helemaal kan verdwijnen. De La Chorrera waterval tumelt naar beneden in de rivier de Miel, omringd door oude molens en restanten van een middeleeuws pad. Dit is Spanje op z'n wildst: dichte vegetatie, kraakhelder water en een stilte die je bijna kan aanraken.
IN HET NIEUWS UIT ANDALUSIË VIND JE ALTIJD IETS INTERESSANTS EN SPANNENDS OM TE LEZEN!

Castillo del Hierro in Pruna, Sevilla: een vesting met uitzicht en geschiedenis
Op een indrukwekkende rotsformatie bij Pruna (Sevilla) rijst het Castillo del Hierro op, een robuuste fortificatie uit de 13e eeuw. Het is het enige nog bewaarde nazarí-monument in de provincie Sevilla en draagt het label Bien de Interés Cultural. Aan de voet van deze eeuwenoude vesting ligt de Fuente del Pilarillo, een bron waarvan het water volgens lokale verhalen ontspringt uit de kern van het kalkstenen massief zelf.
Vanaf deze bron start een wandelpad dat je langs steile hellingen en panoramische vergezichten naar het kasteel leidt. Onderweg word je beloond met uitzicht op de Sierra Sur, waar gieren zweven en berggeiten zich behendig tussen de rotsen bewegen. Voor de avontuurlijke bezoeker ligt hier ook de allereerste via ferrata van Sevilla. Een verticale route met als beloning: een ongeëvenaarde blik op Pruna en de imposante Terril, het hoogste punt van de provincie.
Een grens in beweging
De bouw van het Castillo del Hierro hangt samen met een van de meest onrustige periodes in de Andalusische geschiedenis. Na de val van het Almohadische rijk begin 13e eeuw ontstonden overal in Zuid-Spanje lokale machtsstructuren. Dat leidde tot een nieuwe frontlijn tussen het christelijke Castilla en het islamitische emiraat van Granada.
Pruna lag midden in deze bewegende grenszone. In 1327 viel het in handen van Alfonso XI, maar drie jaar later heroverde de jonge sultan Muhammad IV het strategische dorp. Tot 1407 zou Pruna deel uitmaken van het koninkrijk Granada en diende het kasteel als uitvalsbasis voor troepen uit Noord-Afrika die de grens bewaakten tegen christelijke aanvallen.
Slim bouwen tegen belegering
Tussen 1330 en 1391 werd het kasteel versterkt en aangepast. De hoofdingang werd dichtgemetseld, en verplaatst naar een hoger niveau, bereikbaar via een ladder – niet bepaald gastvrij, maar wel effectief. In de onderste ruimte kwam een wateropslag, essentieel in tijden van belegering. Deze aanpassingen bevestigen hoe belangrijk de locatie was voor de nazarí-strategie.
De laatste slag en nieuwe bewoners
In 1407 veranderde alles. Lorenzo Suárez de Figueroa, meester van de orde van Santiago, heroverde Pruna voor de Castilianen. De militaire functie bleef nog decennia relevant, want het nabijgelegen Ronda bleef onder islamitisch bestuur tot 1485. Pas in 1457 kreeg Rodrigo de Ribera, een edelman uit Sevilla, de opdracht om Pruna opnieuw te bevolken en het kasteel te herstellen. Met vijftien gezinnen en een handvol ridders begon hij aan een nieuwe fase voor de bergvesting.
Van verdedigingslinie naar woonwijk
Rodrigo’s zoon Pedro erfde het domein in 1475, maar zou het zeven jaar later verkopen aan Rodrigo Ponce de León, markies van Cádiz. Daarmee kwam Pruna in handen van een familie die een hoofdrol speelde in de uiteindelijke verovering van het emiraat Granada.
Na 1492 verloor het kasteel zijn strategische functie. De strijd was voorbij. Wat overbleef was een woonplek, totdat ook deze in de 16e eeuw verlaten werd en het leven zich verplaatste naar het huidige dorp. Wat rest, is een plek vol verhalen, stenen met geschiedenis, en uitzichten die niets van hun kracht verloren zijn.
(c) foto en bron: turismopruna.es
Misschien boeien deze berichten u ook?
Zo'n 500 meter buiten het centrum van Yunquera, provincie Málaga, staat een opvallende ronde toren. Inwoners noemen hem El Castillo, al is het eigenlijk een wachttoren. De toren staat op de lijst van Cultureel Erfgoed van Spanje en trekt wandelaars die het Parque Natural Sierra de las Nieves verkennen.


























