Het Castillo de la Duquesa ligt aan de kust van Manilva, provincie Málaga, gebouwd in 1767 door Francisco Paulino uit Sevilla. Koning Karel III gaf hem hiervoor de eer om een cavalerie-compagnie aan te voeren. De timing was strategisch: Spanje wilde Gibraltar terugveroveren van Engeland, en deze ankerplaats moest beschermd worden.
IN HET NIEUWS UIT ANDALUSIË VINDT U ALTIJD IETS INTERESSANTS EN SPANNENDS OM TE LEZEN!
Gualchos-Castell de Ferro combineert het beste van twee werelden. Gualchos ligt landinwaarts tussen de heuvels, terwijl Castell de Ferro zich uitstrekt langs de Middellandse Zee. Deze gemeente in Granada biedt 2 kilometer strand, waar je afwisselend grof en fijn zand vindt. De kustlijn strekt zich uit over 5,5 kilometer met kliffen die vissers als magneten aantrekken.
Santa Cristina is het koffiemerk van Málaga. Al bijna 70 jaar zetten ze de beste koffie voor de stad en de rest van Spanje. Van lokaal familiebedrijf tot marktleider – dit is hun reis.
Tharsis ligt in het hart van Andévalo, tussen Huelva en de Portugese grens. Rode grond, weidse uitzichten en industrieel erfgoed bepalen hier het landschap. Sinds oktober 2018 is dit dorp een zelfstandige gemeente binnen de provincie Huelva. Het telt zo'n 1840 inwoners en ligt 48 kilometer van de provinciehoofdstad.
3000 jaar lang stond Andalusië synoniem voor sherry en zoete versterkte wijnen. Logisch, want de Feniciërs begonnen hier al in de 11e eeuw voor Christus met wijnbouw. Door de eeuwen heen bleef die traditie overeind, zelfs tijdens de Moorse bezetting toen de druiven vooral als rozijnen eindigden.
Het castillo de Íllora in de provincie Granada staat fier op een heuvel in het gelijknamige stadje, op steenworp afstand van de indrukwekkende parochiekerk Nuestra Señora de la Encarnación. Dit Andalusische fort in de provincie Granada vertelt het verhaal van eeuwenlange grensgeschiedenis, met drie ommuringen die de heuvel vanaf de voet tot de top omringen.
Villaharta ligt verscholen in de heuvels van Sierra Morena, in het noorden van de provincie Córdoba. Dit kleine witte dorp ziet eruit alsof de tijd er heeft stilgestaan. Witte huizen tussen olijfbomen, steile straatjes en een hemel vol sterren. Villaharta heeft zelfs een Starlight-certificaat gekregen, wat betekent dat de nachtelijke hemel er vrijwel vrij is van lichtvervuiling.
Benadalid is een wit dorp in de Serrania de Ronda in de provincie Málaga met ongeveer driehonderd inwoners. De naam komt van Beni Al Jali, een Berberstam die zich hier in de achtste eeuw vestigde na de islamitische verovering. Het dorp was lang de hoofdplaats van de streek Ta Kurunna. Die naam bleef grotendeels intact omdat de Berbers de lokale gewoontes respecteerden.
De Vía Verde van Écija, provincie Sevilla, loopt over het oude spoor van de treinlijn Marchena-Valchillón. Dit stukje spoorweggeschiedenis is omgetoverd tot een vlak, makkelijk begaanbaar wandel- en fietspad door de Sevillaanse Campiña. Perfect voor een ontspannen tocht door het Andalusische landschap, zonder verkeer en met de schaduw van eucalyptusbomen langs de route.
Midden in de heuvels van Hornachuelos, op een steenworp van het natuurpark Sierra de Hornachuelos, ligt een plek waar de Spaanse geschiedenis nog springlevend is. De Jardines y Palacio de Moratalla combineren acht hectare Franse tuinkunst met een paleis waar koningen kwamen jagen. Je vindt dit bijzondere landgoed aan de A-431, kilometer 40, op de weg van Córdoba naar Palma del Río.
Bélmez de la Moraleda ligt midden in het natuurpark Sierra Mágina in de provincie Jaén. Dit kleine dorp heeft zo'n 2.000 inwoners en is omringd door olijfboomgaarden zover je kijkt. De economie draait volledig om die olijven, aangevuld met wat fruitteelt en schapenhouderij in de bergen.
Het Castillo de Lopera is een imposante vesting in de Spaanse provincie Jaén. In 1240 schonk koning Ferdinand III de Orden van Calatrava een uitgestrekt stuk grond als beloning voor hun verdedigende rol tijdens de christelijke herovering. Het resultaat? Deze indrukwekkende vesting van 3.500 vierkante meter, uniek in de provincie. Tot de 19e eeuw was […]
Palos de la Frontera ligt in de provincie Huelva en speelde een hoofdrol in één van de grootste avonturen uit de wereldgeschiedenis. Vanuit deze plaats vertrokken in 1492 de schepen La Pinta, La Niña en de Santa María richting het onbekende. Columbus zette koers naar wat later Amerika zou blijken te zijn, en daarmee veranderde alles.
Het treinstation van Corrales, Huelva, vertelt een bijzonder stuk industriële geschiedenis. Dit kleine gebouw aan de Odiel rivier vormde het eindpunt van een ambitieus spoorwegproject dat in 1869 van start ging. De lijn verbond de pyrietmijnen van Tharsis en La Zarza met de haven, en bracht niet alleen mineralen maar ook mensen naar de kust van Huelva.
Eeuwenlang was er maar één manier om van het Spaanse binnenland naar het zonnige zuiden te reizen: te voet, te paard of per kar over stoffige wegen. Vanuit Toledo splitsten de routes zich richting het dal van Alcudia, het dal van de Guadalquivir of het ruige Muradal-gebergte. Wie naar de koninkrijken Jaén of Granada ging, had keuze genoeg aan kronkelwegen, maar niet aan comfort.
Belmez ligt in de Valle de Guadiato, zo'n 70 kilometer ten noorden van Córdoba. De rivier Guadiato stroomt dwars door het stadje. Het kasteel dat boven de witte huizen uittorent zie je al van verre. En daar beneden? Gewoon mensen die hun leven leiden in een stadje waar de geschiedenis letterlijk uit de grond steekt.
Na een uitbundig Oudejaarsavondfeest vol zeevruchten, lamsvlees en zoetigheden, doen Andalusiërs het rustig aan op 1 januari. De dag draait om familie, eten en ontspanning. Niemand haast zich. Je schopt je schoenen uit, hangt onderuit op de bank en laat de restjes van gisteren nog eens voorbijkomen bij een uitgebreide lunch.

























